Main content

Vraag

Goedemorgen,

ik herken al meerdere jaren bij mijn zus(71j is ze nu) alle symptomen van een manische depressie. De laatste tijd is ze zo snel aan het praten, extra snel, dat een normaal gesprek over iets belangrijks echt onmogelijk is. Zelf vind ze dat alles oke is. Waardoor ze geen hulp zoekt.

Kan ik op de ene of andere manier haar duidelijk maken dat ze hulp moet zoeken?

Ze wordt zo vlug boos. Ik stuur nu een sms naar haar als ik iets belangrijks moet zeggen in verband met onze moeder van 94 j.Want als ik haar bel. Krijg ik de kans niet om haar het te zeggen. Ze praat de laatste weken zo snel na elkaar. De woorden ratelen er echt uit.

Ik ben gewoon bezorgd.

Dank u vriendelijk.

 
 

Antwoord

Beste Veerle,

Excuses voor de late reactie. Ik had een antwoord geformuleerd in de zomer. Maar blijkbaar iets verkeerd gedaan zodanig dat het niet bij je is terechtgekomen. Dat is natuurlijk vervelend. Want je ervaart dagelijks de nood. Misschien ben je ondertussen al tot een oplossing gekomen. Best begrijpelijk. Maar deze problemen (wel of niet hulp zoeken) kunnen soms lang aanslepen.

Je maakt je zorgen over de drukte van je zus en vreest dat ze manisch depressief is. Je komt hierover niet met haar tot een gesprek.

Vooreerst. Goed wat je doet. Wanneer je ziet dat het gesprek alle richtingen uitgaat en moeilijk te volgen is, helpt het om een manier te vinden om het gesprek te vertragen. Het gebruik van een SMS vind ik een creatieve oplossing.

Hiermee kom ik bij een ander onderwerp. Jou oplossing is niet steeds de oplossing die je zus acceptabel acht. Eigenlijk zegt ze dat al door aan te geven dat in haar beleving er niets aan de hand is en dus is het logisch dat ze geen hulp nodig heeft. Jou beoordeling is heel anders en dus komen jullie tegenover elkaar te staan. Als jullie elkaar niet kunnen vinden, is er geen oplossing voor jou bezorgdheid en kun je alleen afwachten tot het echt mis gaat.

Daar wil je niet zijn. Je wil liever dat je een gemeenschappelijke basis krijgt in het gesprek. Een oplossing die voor sommige mensen helpt, is dat je met je zus niet praat over wat er met haar aan de hand is, maar wel over wat er met jou gebeurt. Je maakt je zorgen. Natuurlijk kan ze reageren door te zeggen dat je je geen zorgen hoeft te maken, maar misschien ook door te willen helpen dat jij niet meer bezorgd bent. Deze strategie helpt (soms) omdat je deskundig bent over je eigen gevoelens en je misschien wel interpretaties kunt bevechten (je kunt het niet eens zijn) maar moeilijk gevoelens (wat je voelt is wat het is)…

Een alternatieve strategie is dat je op zoek gaat naar een gemeenschappelijke grond. Ik neem aan dat je zus in haar woordenvloed toch de behoefte heeft om zaken met je te delen, zaken die ze ook belangrijk vindt. Dat lukt zo niet. Want eigenlijk kun je haar niet volgen. Ook hier weer vertrek je van het probleem zoals jij het aanvoelt: dit gaat me te snel, help me aub, want ik kan het niet volgen… Niet over wat je zus fout doet. Ook deze strategie kan helpen.

Soms kom je in een situatie waarin je je zodanig zorgen maakt (door gevaarlijke situaties die ontstaan) dat je moet handelen. Je kunt je bezorgdheid delen met je huisarts of samen met je zus naar de huisarts gaan. Een huisarts is voor veel mensen een veel neutralere partij dan een psycholoog of nog erger een psychiater. Ik kan het ook niet helpen (en zou soms wensen dat het anders was) maar als je je zus adviseert om naar de psychiater te gaan is dat voor jou een bezorgde opmerking met een concreet (en zinvol) voorstel. Maar eigenlijk hoort je zus dat jij vindt dat zie ‘gek’ is. Begrijpelijk dat ze die interpretatie niet zomaar accepteert. Je hebt dat niet gezegd en misschien ook niet bedoeld. Maar het is wel hetgeen zij tussen de regels leest (en als we eerlijk zijn, wat we zelf onder die omstandigheden, wanneer iemand dat tegen ons zou zeggen, zouden kunnen denken).

Ik hoop dat dit je kan helpen.

Veel sterkte

Philippe Delespaul

 
 
 
 
Deze vraag is gesteld door een vrouw in de leeftijdscategorie 50-65
Beantwoord door: Philippe Delespaul op 11 oktober 2021

Philippe Delespaul is een klinisch psycholoog en hoogleraar innovaties in de geestelijke gezondheidszorg aan de universiteit Maastricht. Hij heeft ervaring met wijkgerichte zorg en de ontwikkeling van weerbaarheid bij mensen met een psychose en hun betrokkenen.

  • Deel deze pagina: