Main content

In het online magazine sociaal.net verschenen twee boeiende bijdragen over macht en dwang binnen de psychiatrie. Stijn Vanheule legt ze naarst elkaar en reflecteert.

Stijn is hoogleraar klinische psychologie en psychoanalyse aan de UGent en auteur van het boek ‘Waarom een psychose niet zo gek is. Het verhaal achter hoop en herstel’. Een blog over een moeilijk onderwerp, waarin hoop de rode draad blijft.

5 psychiaters aan het woord

De eerste bijdrage bestaat uit een interview met 5 psychiaters uit 4 Vlaamse ziekenhuizen: Wim Simons (Sint-Annendael, Diest), Stephan De Bruyne (PC Sint-Hiëronynmus, Sint-Niklaas), Greet Lemmens (Bethanië, Zoersel), en Hella Demunter en Joris Vandenberghe (Universitair Psychiatrisch Centrum KU Leuven).

Joris Vandenberghe begint als volgt: “We weten dat afzondering, fixatie of dwangmedicatie traumatiserend kunnen zijn, zowel voor de patiënt, hulpverlener als de omgeving. Veel patiënten voelen zich tijdens hun vrijheidsbeperking ontredderd, vernederd en machteloos. Posttraumatische stress komt vaak voor.”
“Bovendien brengen ze de therapeutische relatie tussen patiënt en hulpverlener in gevaar, en dat is onze belangrijkste grondstof. Na dwangmaatregelen dreigt een patiënt dicht te klappen. Waarom zou je hulpverleners nog aanspreken over je suïcidaliteit als dat de kans op nieuwe vrijheidsbeperking verhoogt? Zonder vertrouwen wordt herstel in elk scenario moeilijk.”
“Pas als alle andere opties falen, en een wilsonbekwame patiënt een gevaar is voor zichzelf of zijn omgeving, kan een vrijheidsbeperkende, beschermende maatregel een proportionele maatregel worden. Die proportionaliteit weerspiegelt zich ook in de keuze en duur van de maatregel: zo kort mogelijk en zo min mogelijk ingrijpend.”

Dwang staat herstel in de weg

Vervolgens lichten de psychiaters elk toe hoe ze binnen hun ziekenhuis trachten om zo weinig mogelijk dwang toe te passen in crisissituaties. Ze bepleiten een afbouw van isolatiekamers, vragen meer personeel om rustig met crisissituaties te kunnen omgaan, en willen zo een herstelgerichte aanpak implementeren in hun ziekenhuizen.
Stephan De Bruyne, die net als Wim Simons ook e-expert is voor PsychoseNet.be, zegt daarover het volgende: “Een ziekenhuis dat herstelgericht met patiënten omgaat, zet automatisch ook in op dwangvermindering. Dwang staat herstel immers in de weg. Om te kunnen herstellen zijn een goede therapeutische band, regie over je eigen traject en vertrouwen in de hulpverlening cruciaal. Eén keer ondoordacht dwang gebruiken, kan alles op de helling zetten.”

Wim Simons vult daarbij het volgende aan: “Hoe je vrijheidsbeperking ook invult, het blijft vrijheidsbeperking. Wat je dus allereerst moet doen, is vermijden dat het zo ver komt. Dat vraagt een totaal andere visie op psychische zorg en kwetsbaarheid.”

Nood aan een totaal ander visie op psychische zorg en kwetsbaarheid

De visie die daartoe nodig is, zet eerst en vooral in op nabijheid en dialoog. In een vervolgartikel reageert Laura De Houwer op het interview. Ze is ervaringsdeskundige bij NADA. NADA is een netwerk dat actief bouwt aan alternatieven voor dwang en afzondering in de psychiatrie.
Tevens is Laura De Houwer auteur van het boek Ik moest braaf zijn. Daarin brengt ze verslag van haar eigen verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis. Hoe ze daar werd bejegend, staat haaks op wat de bovenstaande psychiaters naar voor schuiven in hun visie op goede zorg. Ze schrijft het volgende: “De meeste ziekenhuizen blijven isoleren en fixeren. Men negeert de wensen van patiënten onder het mom van veiligheid en procedures.” “Nog te vaak gebruiken psychiatrische ziekenhuizen dwang vanuit angst, vanuit een ‘wat als’- idee. Op veel afdelingen is het een standaardprocedure, zeker ’s nachts. Daarom streven we met NADA naar een strengere wetgeving rond de toepassing van dwang. Alleen zo worden achterophinkende ziekenhuizen gedwongen om dwangvrije alternatieven in de praktijk te brengen.”

Is dwangvrije zorg überghaupt mogelijk?

“Tot slot rijst de vraag of een dwangvrije zorg überhaupt mogelijk is. Uiteraard gelooft NADA dat het kan, zelfs al vraagt het veel extra mankracht en een andere manier van denken. In afwachting is het goed om in te zetten op dwangvermindering en een zorgvuldige, zo humaan mogelijke uitvoering van dwang. Daarbij moeten we ook inzetten innovatieve hulpvormen; residentieel, ambulant en mobiel. Welke zorgvorm komt het best tegemoet aan iemands noden? Die vraag moet altijd centraal staan.”
Als we de beide artikels naast elkaar leggen, vallen uiteraard een aantal verschillen op. Zo benadrukken de psychiaters de beweging van humane zorgvernieuwing die ze volop willen implementeren, terwijl Laura De Houwer opmerkt dat de huidige praktijk daar vaak nog mijlen van af staat.

Dialoog en onderlinge afstemming

Doorheen de twee bijdragen stemt het me hoopvol dat er een mogelijkheid en bereidheid is tot dialoog en onderlinge afstemming. Zeker ook in de context van psychose is dit uiterst belangrijk. Psychotische belevingen gaan meestal gepaard met zoveel verwarring en angst dat alle afstemming spontaan dreigt weg te vallen. Verwarring en angst duiken niet alleen op bij wie het ondergaat, maar ook bij zij die professionale omkadering bieden. Expliciet inzetten op een rustige omgang met crisissituaties en een blijvend toewerken naar dialoog, is daarbij cruciaal.


Meer lezen over een nieuwe geestelijke gezondheidszorg

Koop hier het boek van Stijn Vanheule ‘Waarom een psychose niet zo gek is’
 

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.