Main content

Als vrouw, moeder, vriendin maar vooral als individu neemt Katrien jullie mee in haar ervaring met psychose. Psychose als antwoord op een crisis en op de vraag haar bijeen te houden tijdens deze existentiële ervaring.

Katrien deelt haar verhaal zodat hulpverleners zicht krijgen op haar persoonlijke ervaring met psychose. Ze vraagt ook begrip en aandacht voor het individu dat schuil gaat achter de psychose én het individu dat men aanneemt tijdens een psychose. Verder hoopt Katrien dat anderen steun vinden in haar relaas en wil ze zo een boodschap van hoop meegeven.

Je moet ergens je identiteit aan verlenen

Wanneer je jezelf verliest in een psychose begin je je te identificeren met een ander iemand, hoor je en/of zie je dingen/mensen, omdat je bent gereduceerd tot niets. Je moet toch op de een of andere manier ergens je identiteit aan verlenen. Je kan niet niets zijn, want dan ben je dood. Dus zoeken we vanuit een overlevingsinstinct een andere manier om niet niets te moeten zijn.
Als je God of Napoleon bent tijdens je psychose dan ben je tenminste nog iemand. En meestal iemand die iets betekend heeft of betekent voor de ander. Je zoekt immers altijd verbinding met de ander, ook al ben je niet meer verbonden. Je blijft zoeken naar die connectie want je kan niet iemand zijn zonder de ander. We mogen onze identiteit niet volledig laten afhangen van anderen, maar de andere creëert onze identiteit mee of we dat nu willen of niet.

Al vluchtend een andere identiteit aanmeten

Psychose is ook een vorm van vluchten. Vluchten van de pijn die je sowieso verbrokkelt tot je zo hard vlucht dat je de terugweg niet meer vindt. Je bent niet meer geaard. En aangezien je de terugweg naar jezelf niet meer vindt en ergens ook weet, dat je niet meer terug wilt naar de persoon, pijn en het verdriet die je was, is het heel moeilijk om de connectie naar de realiteit terug te herstellen. De persoon met een psychose moet ook willen terugkeren naar de realiteit en van daaruit zoeken naar een identiteit die hij of zij wel kan zijn. Een identiteit die terug moet worden opgebouwd, in veiligheid en rust. Dan moet de ander, bijvoorbeeld een therapeut, helpen in dit proces door beide identiteiten te aanvaarden en te respecteren. Door mondjesmaat en in een veilige omgeving stukjes van de realiteit terug te geven. En liefst daarnaast ook alternatieven aanbieden; zicht geven op hoe het zou kunnen zijn. Want de persoon die hij of zij was, is blijkbaar te moeilijk om er in aanwezig te blijven. Te veel pijn, te veel last, te veel gevoel, te veel van wat dan ook.

Evenwichtsoefening voor de therapeut

Zolang er geen teken is van verbinding met de realiteit, mag er niet geraakt worden aan de andere identiteit die men zich heeft aangemeten. Het is natuurlijk moeilijker als de stemmen die de patiënt hoort, aanmoedigen tot geweld en zelfdestructie. Hoe contradictorisch ook, houdt dit hem in leven aangezien dit het enige is dat hij of zij hoort en op de één of andere manier kan vertrouwen. Een middel om aanwezig te blijven. Deze stemmen van zelfdestructie kunnen worden gerustgesteld door er mee in communicatie te gaan, door ze bestaansrecht te geven en te luisteren naar wat ze te zeggen hebben. Want als ze niet gehoord worden, worden ze groter en luider tot er wel naar geluisterd wordt. Het is een evenwichtsoefening voor de therapeuten die er mee geconfronteerd worden. Enerzijds luisteren naar wat de patiënt hoort, ziet of denk te zijn, anderzijds zicht geven op de realiteit zonder de veiligheid op spel te zetten. 

Bestaansrecht, erkenning

Tuurlijk moet je bij iemand die in een psychose zit ook aandacht hebben voor de identiteit die ze zich heeft aangemeten zoals God, of de stemmen en mensen die ze zien. Het is zijn of haar enige bestaansrecht. Neem dit niet af want dan wordt men agressief, omdat je op zo een moment de patiënt zijn zijn afneemt of hem niet erkent. Er moet aandacht zijn voor beide, zowel voor de identiteit die wordt aangemeten, als de werkelijke persoon die de patiënt is. Beiden moeten erkent worden om de angst te reduceren.
Er werd mij vaak gezegd dat ik moest kalmeren en foutief dacht. Dat het niet waar was wat ik dacht, voelde of zag. Telkens dit werd gedaan, werd ik niets, want wat had ik dan nog? Jij, mijn psychologe, hebt rekening gehouden met beide aspecten; soms duidde je me op het feit dat wat ik dacht niet juist was en anderzijds gaf je me zicht op de realiteit op een positieve manier. Je mag niet meegaan in de angst, maar er wel naar luisteren. Het is altijd veilig geweest om te durven vertellen wat ik dacht en voelde.

Geen zekerheden meer tijdens een psychose

Je bleef staan, was de enige zekerheid en dat is nodig in een psychose, want zekerheid heb je niet meer, dus die moet nu eenmaal eventjes van anderen komen. Je benoemde vaak dat ik niet meer in de realiteit zat, maar je luisterde wel. Je zocht mee naar wie ik wel was en gaf me de verantwoordelijkheid dit zelf te doen, ook in de moeilijkste momenten. Ik geloof wel dat dit mijn redding is geweest. Mij altijd opnieuw zicht geven op wat er is, op de liefde die er rond mij is, op de hulp die ik moest zoeken en op de rust en veiligheid die er nodig is om te kunnen terugkeren naar mezelf.


Via deze link kom je meer te weten over de existentiële betekenis van psychose

Meer weten Over de zin en onzin van psychotische belevingen

 

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.