Main content

Habiba Abdallaoui is 53 jaar en leeft al 29 jaar met een bipolaire stoornis. Ze heeft 20 jaar gewerkt als maatschappelijk werker en is ruim 4 jaar aan de slag als ervaringsdeskundige bij Beschut Wonen Antwerpen.

Vanuit haar ervaring staat ze dicht bij mensen met een psychosegevoeligheid.

Ik vond dat hij er vooral gelukkig uit zag

Het is middagpauze. Ik zit met enkele collega’s te eten als er een cliënt komt binnenstormen. Hij is enthousiast en praat druk. Als hij buitengaat, zeggen de collega’s bezorgd dat zijn ogen fonkelen en hij weer aan het vliegen is.
Ik merk dat dit mij raakt en weet niet direct waarom. Ik vond dat hij er vooral gelukkig uit zag. Op mijn fiets naar huis denk ik er weer aan; waarom heeft die bezorgdheid van mijn collega’s mij zo diep geraakt?
En toen wist ik het, ik herkende dat zalige gevoel en zag soms ook de bezorgdheid in de ogen van anderen. Mijn omgeving en mijn hulpverleners, die zich, met alle goede bedoelingen, angstig afvroegen of ik weer aan het vliegen was.

Bang om te vliegen, te hoog te vliegen, bang voor de val nadien

Na een tijd heb ik mij die angst eigen gemaakt. Ook ik was bang om te vliegen, om té hoog te vliegen, vooral bang voor de val nadien. Het was eigenlijk niet voor de val, waar ik bang voor was, maar voor het lang blijven liggen in die gekende diepe put, verdoofd, leeg, amper levend, vooral overlevend.
Maar door deze angst kon ik niet genieten van de beste periodes in mijn leven. De periodes die mij meer definieerden, levendig, actief, creatief en een vat, vol met ideeën. Ik begon hierdoor afgevlakt te leven.

Een oefening in doseren

Dit was niet meer wie ik was, ik moest leren een manier te vinden om die angst los te laten. Ik kon niet genieten van de tijd dat ik het gevoel heb dat ik alles aan kan, dat het leven heel goed is en alles er beter uitziet, dat ik naar buiten kijk en de wereld zie door mijn roze bril. De zalige tijd dat ik het gevoel had dat de sky the limit is!
Daarom wil ik tegen mezelf en vooral tegen alle bezorgde anderen zeggen: laat me vliegen, laat me alstublieft vliegen, vliegen en genieten van deze zalige tijd, heb geen bang voor mij maar zorg voor mij, door mij enkel de ruimte te geven, de ruimte om te leren om niet té hoog te vliegen.
Want het kunnen vliegen is fantastisch, zalig en een privilege. Dit voorrecht is niet allen gegeven. Ik ben dankbaar voor dit geschenk en koester die momenten.

Op tijd veilig landen

Het is enkel de kunst om niet té hoog te vliegen en zoals met vele dingen in het leven heb ik dit in de loop der jaren heel langzaam geleerd. Met vele harde vallen en vooral na, soms heel lang liggen, telkens weer heel traag op te staan, heb ik uiteindelijk geleerd om op tijd op de rem te gaan staan en wat lager te vliegen om dan op tijd veilig te landen.
Wat is het de moeite waard om te kunnen vliegen en te mogen genieten van dit gevoel van vrijheid, zo vrij als een vogel in de lucht.

Wat is het uitzicht o zo mooi!

Want wat heeft het leven voor zin om als een bange kip op de grond te blijven, om te kunnen vliegen en dit te laten, om niet van de vrijheid en het uitzicht te kunnen genieten en dit enkel uit angst om te vallen, vooral uit angst om nadien lang te blijven liggen, soms heel lang en verdoofd op de grond.
Ik blijf hopen op een leven van lange periodes van vliegen en als ik soms toch nog val, dan vooral niet te lang te blijven liggen, maar met veel kracht, moed en veel hulp zo snel mogelijk weer op te staan, om langzaam herstellend weer te dromen van de volgende periode van vliegen.

  • Deel deze pagina:

Reacties:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.